Antwoord
FZ/GS/Alg W.A. Minderhout (PvdA)
(d.d. 25 augustus 2015)
Nummer 3070
Onderwerp Ultrafijnstof bij Rotterdam The Hague Airport
Aan de leden van Provinciale Staten
Toelichting vragensteller
In antwoord op vragen van de PvdA-fractie (M.A. Loose, d.d. 22 december 2014) naar
aanleiding van metingen van verontrustende concentraties ultrafijnstof door TNO bij
Schiphol antwoordde GS dat ze ‘bij de staatssecretaris (zullen) aandringen om het
onderzoek niet te beperken tot Schiphol maar dit ook uit te breiden naar andere
luchthavens in Nederland, waaronder Rotterdam The Hague Airport.’
In een brief aan de Bewoners tegen Vliegtuigoverlast meldt staatssecretaris Mansveld echter dat een vervolgonderzoek door het RIVM vooralsnog beperkt zal blijven tot de Luchthaven Schiphol.
Vraag 1.
Bent u met ons van mening dat voor een zorgvuldige beoordeling van een nieuw Luchthavenbesluit voor RTHA een gedegen inzicht in de utrafijnstofconcentraties rond deze luchthaven van belang is? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Tot op heden is niet bekend wat de betekenis en het effect is van een eventueel verhoogde ultrafijn stof concentratie rond een luchthaven. Verder is er geen wetgeving waaraan getoetst kan worden. Daarom is ultrafijn stof formeel geen onderdeel van de besluitvorming.
Vraag 2.
Heeft het in de beantwoording van de genoemde schriftelijke vragen toegezegde gesprek van GS met de staatssecretaris reeds plaatsgevonden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, was de uitkomst vergelijkbaar met het in de brief van de staatssecretaris aan BVO (zie bijlage) ingenomen standpunt?
Antwoord
Gedeputeerde De Bondt had beloofd om dit verzoek mee te nemen om het in de Omgevingsraad Schiphol aan de Staatssecretaris voor te leggen. Dit overleg heeft echter niet door kunnen gaan. Inmiddels is het onderzoek bij Schiphol nagenoeg afgerond.
Vraag 3.
Bent u, indien het standpunt van de staatssecretaris inderdaad negatief is, van zins om er bij haar (alsnog) op aan te dringen om haar standpunt te herzien en RTHA toch bij de metingen te betrekken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Het onderzoek naar ultrafijnstof bij Schiphol is zeer onlangs afgerond. Het RIVM concludeert dat, hoewel de bijdrage van het vliegverkeer grofweg vergelijkbaar is met de bijdrage van wegverkeer in binnensteden, nadelige gezondheidseffecten niet kunnen worden uitgesloten. Er is op basis van de wetenschappelijke literatuur echter weinig bekend over de gezondheidseffecten van blootstelling aan ultrafijnstof. De staatssecretaris heeft aangegeven het advies van het RIVM, om de effecten van
langdurige blootstelling aan ultrafijnstof te onderzoeken, over te nemen. Zij denkt daarbij aan het koppelen van lange termijn blootstelling aan ultrafijn stof aan sterftestatistieken of medicijngebruik in de regio Schiphol. Wij zullen aandringen in dit onderzoek ook RTHA te betrekken. Dit zal gebeuren tijdens de Bestuurlijke Regiegroep Rotterdam The Hague Airport op 26 oktober 2015.
Vraag 4.
Bent u voornemens om, indien de staatssecretaris volhardt in haar standpunt, zelf metingen bij RTHA te laten verrichten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Het is prematuur hierover nu al een standpunt in te nemen.
Vraag 5.
OriĆ«nteert GS zich – al dan niet in samenwerking met Rotterdam en Den Haag - reeds op maatregelen als beplanting, of innovatieve technische maatregelen om (ultra)fijnstof rond RTHA af te vangen? (Zie ook onze schriftelijke vragen ‘nieuwe technieken fijnstofreductie’ d.d. 25 juni 2015.) Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer zult u PS daarover berichten?
Antwoord
Zoals ook in de beantwoording van de schriftelijke vragen nummer 3050, ‘nieuwe technieken fijnstofreductie’ d.d. 26 juni 2015 is aangegeven zal de DCMR met deskundigen in gesprek gaan over de mogelijke toepassing van innovatieve technieken. Mede op basis van die gesprekken zullen GS zich verder oriĆ«nteren op mogelijke innovatieve technieken. In het kader van het in het hoofdlijnenakkoord aangekondigde initiatief voor een nieuw provinciaal actieprogramma luchtkwaliteit zullen wij PS hierover informeren.
Den Haag, 29 september 2015
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland,
secretaris a.i., voorzitter,
drs. J.H. de Baas drs. J. Smit
Posts tonen met het label fijnstof. Alle posts tonen
Posts tonen met het label fijnstof. Alle posts tonen
woensdag 30 september 2015
Nieuwe technieken fijnstofreductie
Antwoord
FZ/GS/Alg
W.A. Minderhout (PvdA)
(d.d. 26 juni 2015)
Nummer
3050
Onderwerp
Nieuwe technieken fijnstofreductie
Aan de leden van Provinciale Staten
Toelichting vragensteller
Het nieuwe college van GS heeft hoge ambities geformuleerd in het
hoofdlijnenakkoord met betrekking tot verbeteren van luchtkwaliteit. Er wordt, in
samenwerking met andere overheden, een nieuw provinciaal actieprogramma
luchtkwaliteit in het vooruitzicht gesteld. De problematiek van de luchtkwaliteit rond
vliegvelden en snelwegen in stedelijke omgeving worden met name genoemd.
Daarnaast verwacht GS veel van innovatieve oplossingen, die niet alleen tot
kwaliteitswinst leiden, maar ook een stimulans voor de Zuid-Hollandse economie
zouden kunnen zijn.
De PvdA-fractie denkt graag met GS mee om van deze beleidsambities een succes te
maken. De belangrijkste uitdaging is de aanpak van (ultra) fijn stof, dat niet alleen
grote gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, maar, als het eenmaal hoog in de
atmosfeer terecht komt, ook een van de belangrijkste oorzaken van het broeikaseffect.
Onlangs had onze fractie een gesprek met Bob Ursem, een Delftse wetenschapper,
die een techniek ontwikkeld heeft om fijnstof af te vangen: het fijn stof en ultra fijn stof
reductie systeem, populair genoemd de ‘fijnstofmagneet’. Volgens Ursem is zijn
techniek zeer breed toepasbaar. Zelfs het (ultra) fijn stofvrij, zoals bijvoorbeeld
elementair koolstof, maken van Rotterdam The Hague Airport is volgens hem in
theorie en praktijk haalbaar.
Mogelijk zijn er ook andere innovatieve technieken in ontwikkeling die tegemoet
komen aan de ambities van GS op het gebied van fijnstofreductie en innovatie. Wij
stellen daarom de volgende vragen:
1. Bent u bereid om nieuwe technieken voor fijnstofreductie te betrekken bij de opstelling
van het komende ‘provinciaal actieprogramma luchtkwaliteit’?
Antwoord
Ja.
2. Bent u bereid (een) experiment(en) te financieren om te bezien in hoeverre deze
technieken bij knelpunten luchtkwaliteit kunnen worden ingezet?
Antwoord
Wij zijn bereid om een experiment (mede) te financieren, uiteraard onder de
voorwaarde dat dit experiment meerwaarde biedt. Experimenten voor de
‘Fijnstofmagneet’ hebben eerder in 2007 in de Thomassentunnel (N15 onder
Calandkanaal) en in 2012 langs de A9 bij Amstelveen plaatsgevonden. De DCMR zal
de heer Ursem uitnodigen om van gedachten te wisselen over de mogelijke
toepassing van innovatieve technieken, zoals de fijnstofmagneet.
3. Bent u bereid om Innovation Quarter opdracht te geven om de economische kansen
van deze technieken voor Zuid-Holland als innovatieve provincie te onderzoeken?
Antwoord
Innovation Quarter richt zich op het aanjagen en realiseren van innovatieve projecten
door het smeden van consortia tussen ondernemers en met kennisinstellingen. Het
initiatief ligt daarbij bij de ondernemer en niet bij de overheid. Wij zullen wel
ondernemers wijzen op de mogelijkheid gebruik te maken van de diensten van
Innovation Quarter.
Den Haag, 25 augustus 2015
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland,
secretaris a.i., voorzitter,
drs. J.H. de Baas drs. J. Smit
FZ/GS/Alg
W.A. Minderhout (PvdA)
(d.d. 26 juni 2015)
Nummer
3050
Onderwerp
Nieuwe technieken fijnstofreductie
Aan de leden van Provinciale Staten
Toelichting vragensteller
Het nieuwe college van GS heeft hoge ambities geformuleerd in het
hoofdlijnenakkoord met betrekking tot verbeteren van luchtkwaliteit. Er wordt, in
samenwerking met andere overheden, een nieuw provinciaal actieprogramma
luchtkwaliteit in het vooruitzicht gesteld. De problematiek van de luchtkwaliteit rond
vliegvelden en snelwegen in stedelijke omgeving worden met name genoemd.
Daarnaast verwacht GS veel van innovatieve oplossingen, die niet alleen tot
kwaliteitswinst leiden, maar ook een stimulans voor de Zuid-Hollandse economie
zouden kunnen zijn.
De PvdA-fractie denkt graag met GS mee om van deze beleidsambities een succes te
maken. De belangrijkste uitdaging is de aanpak van (ultra) fijn stof, dat niet alleen
grote gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, maar, als het eenmaal hoog in de
atmosfeer terecht komt, ook een van de belangrijkste oorzaken van het broeikaseffect.
Onlangs had onze fractie een gesprek met Bob Ursem, een Delftse wetenschapper,
die een techniek ontwikkeld heeft om fijnstof af te vangen: het fijn stof en ultra fijn stof
reductie systeem, populair genoemd de ‘fijnstofmagneet’. Volgens Ursem is zijn
techniek zeer breed toepasbaar. Zelfs het (ultra) fijn stofvrij, zoals bijvoorbeeld
elementair koolstof, maken van Rotterdam The Hague Airport is volgens hem in
theorie en praktijk haalbaar.
Mogelijk zijn er ook andere innovatieve technieken in ontwikkeling die tegemoet
komen aan de ambities van GS op het gebied van fijnstofreductie en innovatie. Wij
stellen daarom de volgende vragen:
1. Bent u bereid om nieuwe technieken voor fijnstofreductie te betrekken bij de opstelling
van het komende ‘provinciaal actieprogramma luchtkwaliteit’?
Antwoord
Ja.
2. Bent u bereid (een) experiment(en) te financieren om te bezien in hoeverre deze
technieken bij knelpunten luchtkwaliteit kunnen worden ingezet?
Antwoord
Wij zijn bereid om een experiment (mede) te financieren, uiteraard onder de
voorwaarde dat dit experiment meerwaarde biedt. Experimenten voor de
‘Fijnstofmagneet’ hebben eerder in 2007 in de Thomassentunnel (N15 onder
Calandkanaal) en in 2012 langs de A9 bij Amstelveen plaatsgevonden. De DCMR zal
de heer Ursem uitnodigen om van gedachten te wisselen over de mogelijke
toepassing van innovatieve technieken, zoals de fijnstofmagneet.
3. Bent u bereid om Innovation Quarter opdracht te geven om de economische kansen
van deze technieken voor Zuid-Holland als innovatieve provincie te onderzoeken?
Antwoord
Innovation Quarter richt zich op het aanjagen en realiseren van innovatieve projecten
door het smeden van consortia tussen ondernemers en met kennisinstellingen. Het
initiatief ligt daarbij bij de ondernemer en niet bij de overheid. Wij zullen wel
ondernemers wijzen op de mogelijkheid gebruik te maken van de diensten van
Innovation Quarter.
Den Haag, 25 augustus 2015
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland,
secretaris a.i., voorzitter,
drs. J.H. de Baas drs. J. Smit
Abonneren op:
Posts (Atom)